Wanneer we meditatie-onderricht geven, adviseren we vaak om een ‘zachte en ruime geest’ te ontwikkelen. Maar toen ik dit tijdens een retraite in Australië eens zei, ontdekte ik dat ‘zachte geest’ voor de mensen daar iets heel anders betekende dan ik bedoelde. Het is daarom belangrijk duidelijk te maken wat er onder een zachte of milde geest verstaan wordt.

Zachte en ruime geest

Wat we bedoelen met een ‘zachte en ruime geest’ is aanvaarding. Veronderstel bijvoorbeeld dat je tijdens de meditatie je adem observeert en je een gevoel van strijd of spanning ervaart. Dat gevoel van vechten kan een teken zijn dat er in feite iets anders plaatsvindt, iets wat je niet herkent of toelaat. Misschien sta je niet open voor een andere gewaarwording in het lichaam, een ongemakkelijk gevoel, of een emotie die eraan ten grondslag ligt. Of wellicht ben je verstrikt geraakt in verwachtingen, met te veel inspanning of streven, waarbij je wenst dat de huidige ervaring anders is dan hoe ze in werkelijkheid is.

Mildheid of zachtheid houdt in dat we ons openstellen voor wat er is, dat we ons in het hier-en-nu ontspannen. Probeer op zulke momenten eens de ‘mantra’: ‘Het is goed. Wat er ook is, het is goed. Laat me het maar voelen’. Dat werkt verzachtend in de geest. Je kunt je met een gevoel van aanvaarding openstellen voor wat je ervaart en eenvoudigweg aanwezig zijn bij datgene wat op de voorgrond is: een pijnlijk gevoel, een gedachte, een emotie, wat er maar is.

Het verzachten van de geest: twee stadia

Het verzachten van de geest voltrekt zich in twee stadia. Word je om te beginnen aandachtig bewust van wat het meest dominant is. Dat is de belangrijkste leidraad voor alle vormen van inzichtmeditatie. De eerste stap is dus alleen maar zien en je openstellen.

De tweede stap is waar te nemen hoe je je verhoudt tot wat er zich voordoet. Vaak zijn we wel aanwezig bij iets wat opkomt, maar op een reactieve manier. Als we het prettig vinden, zijn we geneigd het vast te houden en raken we gehecht. Vinden we het onprettig omdat het op de een of andere manier pijnlijk is, dan zijn we geneigd onszelf ervoor af te sluiten of het weg te duwen, uit angst, irritatie of boosheid. Beide reacties zijn het tegengestelde van aanvaarding.

Maak ruimte voor wat er zich voordoet

De gemakkelijkste manier van ontspannen is niet langer te proberen de dingen anders te maken dan ze zijn. In plaats van een andere toestand te creëren, maak je simpelweg ruimte voor wat er zich voordoet. Als je gaat zitten mediteren nadat je het druk hebt gehad en je geest geagiteerd of chaotisch voelt, probeer dan die toestand te zien voor wat hij is en hem te aanvaarden. Je kunt alles wat je op dat moment in lichaam en geest ervaart ‘omlijsten’ met de mentale notitie ‘chaos’. Je maakt gebruik van deze eenvoudige sleutel om je open te stellen voor de energie van wat aanwezig is, in plaats van de kwaliteit van je energie te willen veranderen. Dit betekent niet dat je versuft, noch dat je verstrikt raakt in de opgewonden gedachten. Maar door aanvaarding ontspannen we juist, waardoor we ons vanzelf bewust worden van wat aanwezig is.

Het is niet zo moeilijk om de geest te verzachten; het is meer een kwestie van eraan denken dit te doen. ‘Het is goed. Laat me dit gewoon maar voelen’. Dan stabiliseren de dingen zich vanzelf op een natuurlijke wijze. Niet aanvaarden van wat aanwezig is, leidt alleen maar tot strijd.

Laat het zijn zoals het is

In de meditatietaal spreken we vaak over het laten varen van dingen, het loslaten van gedachten, emoties of pijn. Soms is dat niet de exact juiste uitdrukking, omdat loslaten suggereert dat je iets moet doen. Beter zou zijn om te zeggen: “Laat het voor wat het is. Laat het zijn zoals het is”. Alles komt en gaat vanzelf. We hoeven niets te doen om dingen te laten komen, of om ze te laten verdwijnen, of om ze los te laten. We hoeven ze alleen maar te laten zijn.

Om alles te kunnen laten zijn, moeten we een moeilijke maar wezenlijke les leren wat betreft de meditatie, en tevens wat betreft alle aspecten van ons leven. Het hebben van prettige gevoelens en het vermijden van onprettige gevoelens is niet het doel van de meditatiebeoefening. Het doel van de beoefening van opmerkzaamheid is vrijheid.

Wanneer we de geest zuiveren van de bezoedelde hartstochten, van verlangen, haat en verblinding, bereiken we het einde van het lijden.

Onderken alle kanten van jezelf

In de meditatie is het dus niet belangrijk of we aangename of onaangename gevoelens ervaren, maar wel hoe we met deze gevoelens omgaan. Als we ze met opmerkzaamheid benaderen – dat wil zeggen, ze eenvoudigweg benoemen of registreren, ze gewoon observeren – dan zuiveren we op dat moment dat we opmerkzaam zijn ons hart. Want op dat moment zijn we vrij van verlangen naar prettige gevoelens, vrij van weerstand tegen onprettige gevoelens, en niet verblind met betrekking tot wat werkelijk aanwezig is.

Op de meditatiereis gaat het er niet om ons altijd goed te voelen. Dikwijls zullen we ons juist belabberd voelen. Dat geeft niet. We willen ons openstellen voor het hele scala van fysieke en mentale ervaringen, voor alles wat we in de geest en in het lichaam tegen kunnen komen. Nu eens voelen we ons geweldig, en zijn we gelukkig en geïnspireerd, en dan weer zijn allerlei aspecten van het lijden sterk voelbaar.

Het vraagt moed en volharding om bereid te zijn al deze kanten van onszelf te onderkennen. Er zitten donkere hoeken in ons hart waar we wellicht eerder niet naar hebben willen kijken of die we niet wilden onderzoeken. Deze zullen zich zeker gaan vertonen. Soms kan zelfs de opeenhoping van energie die tijdens de meditatiebeoefening plaatsvindt, aanvoelen als een ongemakkelijk rekken. Dergelijke ervaringen van de onbevredigende aspecten van ons leven maken allemaal deel uit van de meditatie; zonder deze ervaringen is bevrijding niet mogelijk. Mediteren betekent in feite dat we ons openstellen, dat we als het ware opgerekt worden, en – het allerbelangrijkste – dat we bevrijd worden.

Stel je open voor het prettige én onprettige

Deze les van ‘juist begrip’ is een moeilijke omschakeling. Kun je deze cruciale wetenschap dat het in de meditatie werkelijk niet gaat om het verkrijgen van prettige gevoelens nu, op dit moment, tot diep in je binnenlaten? Kun je beginnen de sterke conditionering in je geest, die zegt dat alleen aangename gevoelens aanvaardbaar zijn, te ontmantelen? Wat er in de meditatie plaatsvindt is iets heel anders dan deze eeuwenoude conditonering die ons aan het lijden gebonden houdt. Door te mediteren stellen we ons open voor zowel het prettige als het onprettige, met oprechte, evenwichtige aanvaarding.

Jaren geleden huurde ik voor de zomermaanden een huisje in een van de hillstations in India. Het was een huisje hoog in de bergen, ontzettend mooi en heel stil. Ik was van plan daar 4 maanden te mediteren.

Een paar weken na mijn aankomst sloegen de ‘Delhi Girls’, een soort padvindersgroep, op een open plek beneden het huisje waar ik verbleef, hun tenten op. Ze installeerden luidsprekers waaruit van zes uur ’s morgens tot tien of elf uur ’s avonds luide muziek schetterde. Ik was totaal overrompeld. Ik overwoog mijn beklag te gaan doen bij de burgemeester van het stadje, en schreef hem in gedachten veel boze brieven. Maar de herrie scheen niemand last te bezorgen, behalve mij.

Het was een grote uitdaging voor mijn gelijkmoedigheid. Nadat ik door alle worstelingen, alle boosheid, alle haat gegaan was, gaf mijn geest het op een gegeven moment op. Er viel niets aan de situatie te doen. Met overgave en aanvaarding was het oké. Er was het geluid, het lawaai. Het was goed. Ik kon het laten voor wat het was.

Uit: Vipassana van Joseph Goldstein

Foto: Dingzeyu Li on Unsplash