Burn-out en overspannenheid zijn stress-gerelateerde aandoeningen waarbij verschillende klachten optreden zoals vermoeidheid, prikkelbaarheid en emotionele labiliteit. Meestal wordt burn-out opgevat als een vorm van overspannenheid waarbij het chronische karakter en vermoeidheid meer centraal staan. Zowel stressoren uit de omgeving als persoonlijke eigenschappen spelen een rol bij het ontstaan van overspannenheid en burn-out. Een omgevingsstressor is bijvoorbeeld de combinatie privé en werk. Copingvaardigheden zijn van belang om stress goed te kunnen hanteren: een falende coping verhoogt het risico op het ontstaan van burn-out.

Verschillende termen voor overspannenheid en burn-out

Beroepsgroepen in de zorg gebruiken verschillende benamingen voor stress-gerelateerde ziekten en spanningsklachten, zoals overspannenheid, chronische stress, aanpassingstoornis, surmenage, neurasthenie en burn-out. Overspannenheid en burn-out zijn geen bestaande diagnostische categorieën in de DSM-IV en ICD-10. Wel zijn het veel gebruikte diagnosen in de eerstelijnszorg. Huisartsen gebruiken de ICPC-code P78: neurasthenie/surmenage. Andere eerstelijnsdisciplines gebruiken vaak de definitie uit de ‘Multidisciplinaire richtlijn overspanning en burn-out voor eerstelijnsprofessionals’ (Verschuren et al., 2011). Bedrijfsartsen gebruiken ook deze richtlijn bij het registreren van beroepsziekten.

Definities overspannenheid en burn-out in multidisciplinaire richtlijn
Uit: Verschuren et al., 2011

Wanneer is er sprake van overspannenheid/burn-out?

Er is sprake van overspannenheid als voldaan is aan vier criteria:

  1. Ten minste drie van de volgende klachten zijn aanwezig:
    1. moeheid
    2. gestoorde of onrustige slaap
    3. prikkelbaarheid
    4. niet tegen drukte/herrie kunnen
    5. emotionele labiliteit
    6. piekeren
    7. zich gejaagd voelen
    8. concentratieproblemen en/of vergeetachtigheid
  2. Gevoelens van controleverlies en/of machteloosheid treden op als reactie op het niet meer kunnen hanteren van stressoren in het dagelijks functioneren. De stresshantering schiet tekort; de persoon kan het niet meer aan en heeft het gevoel de grip te verliezen.
  3. Er bestaan significante beperkingen in het beroepsmatig en/of sociaal functioneren.
  4. De distress, controleverlies en disfunctioneren zijn niet uitsluitend het directe gevolg van een psychiatrische stoornis.

Er is sprake van burn-out als voldaan is aan drie criteria:

  1. Er is sprake van overspannenheid.
  2. De klachten zijn meer dan 6 maanden geleden begonnen.
  3. Gevoelens van moeheid en uitputting staan sterk op de voorgrond.

Burn-out als vorm van overspannenheid

In de definitie uit de multidisciplinaire richtlijn is burn-out een vorm van overspannenheid (Verschuren et al., 2011). Bij burn-out staan het chronische karakter en de vermoeidheid meer op de voorgrond dan bij overspannenheid. Mensen met burn-out volgens deze definitie moeten vaak één of meerdere rollen (gedeeltelijk) neerleggen. De acht klachten in de definitie van overspannenheid worden gezien als kernsymptomen van overspannenheid en burn-out. Stressoren kunnen afkomstig zijn uit zowel de werk- als privé-situatie.

Naast diagnosen door zorgverleners, wordt burn-out vaak vastgesteld met behulp van zelfrapportage in vragenlijsten. In deze opvatting bestaat burn-out uit drie dimensies: emotionele uitputting, distantie ten opzichte van het werk en een verminderd gevoel van competentie.

Bronnen:
Verschuren CM, Terluin B, Loo MA, Vendrig AA, Bastiaanssen MH, Vriezen JA. Eén lijn in de eerste lijn bij overspanning en burnout. Multidisciplinaire richtlijn overspanning en burnout voor eerstelijns professionals. LVE, NHG, NVAB, Amsterdam; 2011.

www.volksgezondheidenzorg.info

Foto: Sawyer Bengtson on Unsplash