Wereldschaal

Van het ene virus naar het andere

Van het C-virus rollen we naadloos in het R-virus. Het racisme-virus waart al veel langer rond. Het leeft meestal onderhuids, in de lagen die nog ónder het pigment zitten waar velen zo’n verkeerde waarde aan hechten. Lagen die zo diep zijn dat we vaak niet bewust zijn dat ze invloed uitoefenen op ons dagelijks leven.

Een kwestie van beeldvorming

We worden al vroeg besmet met het R-virus. Zoals Herman Finkers heel raak zei: “Het wordt er met de paplepel ingeslagen”.
Neem bijvoorbeeld onze wereldkaart. De wereldkaart zoals je hem waarschijnlijk op de basisschool hebt geleerd, is een kaart die gebaseerd is op de kaarten die gemaakt werden tijdens de zeereizen van destijds. Landmassa’s worden niet in de juiste verhoudingen of schaal weergegeven. Hierdoor krijgt de westerse wereld, die zich merkwaardigerwijs voornamelijk op het noordelijk halfrond bevindt, letterlijk en figuurlijk een té groot beeld van zichzelf.

Tja, als ‘wij’ groot zijn en centraal afgebeeld worden, dan doet dat iets met ons, net zoals het iets doet met hen die ‘klein gehouden’ worden.
En dat is een virus dat in ons allemaal geplant is. Op wereldschaal.

Een kwalijke familie

Het R-virus is een variant binnen de bekende D-virusfamilie. Enkele andere veelvoorkomende soorten zijn het Homofobie- en het Misogynie-virus. Maar de Discriminatie-virusfamilie kent nog veel meer varianten.

Het lijkt wel of de bestrijding niet heel voortvarend wordt aangepakt. Misschien denkt men dat het virus zo wijdverspreid is dat bestrijden geen zin heeft? Of heeft het dragen van zo’n virus misschien ook voordelen? Vermoedelijk wel. Zo weten we inmiddels dat het als minderwaardig zien van andere mensen je een superieur gevoel kan geven. Een vijand om je tegen af te zetten.

Er is voor ieder mens wel een pakketje vijanden voorhanden om je weerzin in kwijt te kunnen. Ben je wat rechts van het politieke spectrum georiënteerd, dan zijn er de klimaatactivisten, de sociaalwerkers en de kunstenaars om de schuld te geven van de ellende. Ben je wat linkser georiënteerd, dan zijn de politie, het grootkapitaal en de vleeseters handige tegenpartijen om je aan te frustreren.

Zo is er dus veel boosheid in de wereld. Boosheid die we kunnen zien en horen, en boosheid die meer onzichtbaar en onbewust is. Het R-virus (en eigenlijk ook het hiervoor genoemde H- en het M-virus) blijkt zo diep onderhuids te leven dat het zich niet veel aantrekt van politieke voorkeuren of andere maatschappelijke verdelingen. Tegelijk zorgt het wel voor een flinke dosis onderhuidse boosheid (een van de voornaamste symptomen).

Misschien dat dat iets te maken heeft met de reden waarom de gebruikelijke en voor de hand liggende behandeling van het virus – namelijk: beter onderwijsmateriaal en het ontzenuwen van racistische denkbeelden met wetenschappelijk aantoonbare feiten – nog niet geleid heeft tot het uitsterven van het virus.

Of is er nog een diepere laag?

Dus wat moeten we dan?
Schrijver en cultuurcriticus James Baldwin schreef: “Most people discover that when hate is gone, they will be forced to deal with their own pain.”
Touché…
Zou het kunnen zijn dat het R-virus en alle andere leden van de D-virusfamilie – ook al veroorzaken zij forse problemen in de maatschappij – niet zozeer het probleem zijn, maar meer een uiting van een nóg dieper liggend probleem?

Als de valse onderscheiden wegvallen en we geen ‘vijand’ meer hebben, worden we als vanzelf uitgenodigd de aandacht naar binnen te richten. Net zoals de verstilling van de meditatie je in contact brengt met de binnenwereld, waar het overigens ook niet altijd pais en vree is. Als je niet geleerd hebt om daarbij kalm aanwezig te zijn, of als je afgeleerd hebt om naar binnen te kijken omdat je daar pijnlijke zaken uit je levensgeschiedenis tegenkwam, dan is dat contact ook best vreemd of zelfs eng.

Bij Relax More weten we daar veel van, net als van de compassievolle therapeutische vormen die tot verzachting leiden.

Compassie?

Het begrip compassie wordt niet altijd evengoed begrepen. Het gaat er bij compassie niet om dat de werkelijkheid afgedekt wordt met een laagje suikergoed en we alle misstanden overdreven vrolijk goedpraten. Nee. Kernbegrippen bij compassie zijn begripvol, verzachtend en ondernemend.

Begripvol voor het feit dat we allemaal mensen zijn met onze virussen en onderliggende pijn en lijden. Verzachting omdat compassie vergezeld gaat van de wens om lijden te verlichten en niet te vermeerderen. Ondernemend omdat wensen alleen niet voldoende is. Compassie is een werkwoord. Het brengt verantwoordelijkheid en actiebereidheid met zich mee.

In relatie tot het R-virus en compassie zou ik willen eindigen met een laatste quote, ditmaal van meditatieleraar Jack Kornfield. Hij zei “Compassie betekent niet dat we niet strijden, maar het betekent dat we niet haten”.
We kunnen ons zonder te haten inzetten om lijden in onszelf te verzachten.

Stel je eens voor dat we dát op wereldschaal zouden doen…

Dit blog schreef ik oorspronkelijk voor Bodymindopleidingen.
Ik heb het voor de Relax More site licht aangepast.
Foto: Fleur on Unsplash

PS
Recent verscheen op De Correspondent een mooi prachtig artikel over kaarten, de keuzes die makers en landen maken bij het ontwikkelen van kaarten en het effect op onze perceptie van de wereld en fenomenen als bijvoorbeeld migratie.

Reageren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll to Top